At the OERmuseum, the Journey through Time starts at the last Ice Age with a lifelike mammoth and her calf. A nod to the distant past when the woolly mammoth lived in the area, according to bone remains that have been found. In 1987, mammoth bones were unearthed in a sand excavation in Nijensleek (10 kilometres west of Diever). These mammoth bones are about 47,000 years old, from a period between the penultimate and the last ice age.
In addition to mammoth remains, they also found the bones of the steppe bison, red deer, woolly rhinoceros, cave lion and sabre-toothed tiger. Experts have determined that the bones that were recovered came from five different mammoths. But 80% of the bones are from one single mammoth, including a rib that is over a metre long. This rib is on display at our archaeological museum in Diever. Distinctive carvings, possibly made by hunters, can be seen on the rib.
In the days of the mammoths, the Netherlands had a very cold and dry climate. The woolly mammoth had adapted well to this cold climate: small ears, thick fur with long hairs, thick skin with a hypodermal layer of fat (sometimes up to 9 cm thick) and a short tail. The mammoth had four molars, two on top and two at the bottom. As a result of eating grass and moss that contained a lot of sand, the mammoth’s molars wore down quickly. To be able to keep eating properly, the mammoth had to regularly change its molars, up to six times in its lifetime. After the last tooth change, the molars would eventually wear down until they could no longer grind their food properly, and the mammoth would often starve to death. At the OERmuseum, you can see and feel the mammoth’s molars.
As the climate started to warm up, the mammoth retreated further and further towards northern Siberia. Through the actions of prehistoric man, but especially because of a lack of suitable food due to climate change, the mammoth became extinct four thousand years ago.
Welkom, wat fijn dat je er bent!
Het OERmuseum heeft een bijzonder plan: op de Brink komt een herinneringsplek voor de bekende archeoloog Albert Egges van Giffen. Een plek waar verleden en heden elkaar ontmoeten. Verschillende kunstenaars hebben hiervoor een ontwerp gemaakt. Uit alle inzendingen zijn drie ideeën gekozen – en die leggen we graag voor aan de inwoners van Westerveld.
Maar eerst: wie was Van Giffen eigenlijk?
Hoewel zijn naam niet bij iedereen een belletje doet rinkelen, is zijn betekenis enorm. Hij wordt niet voor niets de ‘vader van de hunebedden’ genoemd. Van Giffen onderzocht alle hunebedden in Nederland, bracht ze nauwkeurig in kaart en zorgde voor restauratie en behoud. In een tijd waarin archeologie nog nauwelijks serieus werd genomen en vondsten soms verloren gingen, zette hij het vakgebied in Nederland stevig op de kaart.
Zijn band met Diever was sterk. Hij groeide op in de oude pastorie aan de Brink, ging er naar school, bezat er een vakantiehuis en vond er uiteindelijk ook zijn laatste rustplaats. Voor oudere inwoners is hij misschien nog een bekende verschijning: een markante persoonlijkheid met een grote passie voor het verleden.
Voor de herinneringsplek zijn drie ontwerpen geselecteerd, die we hieronder presenteren:
Bij dit ontwerp staat de grote steen voor het oude gemeentehuis centraal. De gemeente heeft deze steen beschikbaar gesteld voor het monument. Aan de steen wordt een bankje bevestigd met daarop een ijzeren draadfiguur die Van Giffen voorstelt. Bezoekers kunnen naast hem plaatsnemen, een selfie maken of simpelweg even uitrusten. Een laagdrempelige en uitnodigende manier om kennis te maken met zijn verhaal.
Een manshoog draadfiguur van ijzer die Van Giffen uitbeeldt terwijl hij een zwerfkei in zijn handen houdt. Dit ontwerp benadrukt zijn verbondenheid met het landschap en zijn onderzoek naar prehistorische monumenten.
Een tweedimensionale vorm van een hunebed, waarbij alleen de contouren van de zwerfstenen zichtbaar zijn. Je kijkt dus door het hunebed heen. De omtrek van de stenen is uitgevoerd in roestvrij staal en van binnenuit verlicht. Dit moderne ontwerp verwijst direct naar het werk waarvoor Van Giffen zo bekend werd en laat het verleden letterlijk oplichten in het heden.